Reclamepenning "Gerbo" 1861

 


Bodemvondst Marc Swinnen.

 

 

 

Reclame-penning "Gerbo"

Naar model van 20 Centimes 1861

 

 

Materiaal: Koper/nikkel.

Massa: 6,54 gram.

Diameter: 26 mm.
Slagplaats: Brussel.
Graveur: A. Fisch.
Datering: 1861


Voorzijde: Binnen een gladde cirkel,
het borstbeeld naar rechts gewend, van koning Leopold I.
Links en rechts van de halsafsnede.
A. FISCH / GRAVEUR.
Legende in omschrift:
 ★ LEOPOLD I ROI DES BELGES  ★1861

(Leopold I, koning der Belgen 1861)



Keerzijde: Binnen een gladde buitenrand.
GERBO / TAILLEUR / ❀ 75 RUE DU MIDI ❀

(Gerbo, kleermaker Zuidstraat 75 Brussel)
In een parelomlijsting de graveur A.FISCH
BRUXELLES
Omschrift:
REPARATIONS IMMEDIATES / TEINTURE.NETTOYAGE
(Onmiddellijke herstellingen - gordijnen. wasserij)

 


 

Publiciteitspenning, Henri Van Havermaet 1875.

Bodemvondst, Ken Niels.

 

 

 

 

 

 

Reclamepenning, congres van leraren te Brussel 1875

 

Materiaal: Nikkel.

Massa: 8,32 gram.

Diameter: 30 mm.
Slagplaats: Brussel.
Graveur: Antoine Fisch.
Datering: 1875


Voorzijde: Binnen een gladde cirkel.

Het gekroond stadswapenschild van Brussel.

Omschrift:

CONGRES DES INSTITUTEURS / BRUXELLES 1875

Congres van leraren, Brussel 1875

 

Keerzijde: Binnen een gladde cirkel.

Het omschrift:

HENRI VAN HAVERMAET ENTREPRENEUR

Henri Van Havermaet, aannemer.

Binnen een versierde lus, onderaan twee krullen.

In drie regels:

AMEUBLEMENTS COMPLETS / POUR ÊCOLES

Compleet meubilair voor scholen.

Met daaronder het adres van het atelier/winkel.

18 BIS RUE DES BOITEUX / BRUXELLES

 

Lit.: STAM Gent, Objectnr. 00175.

 


 

Penning op "Stadsbestuur Brussel" 1928

Uit de collectie, Paul Callewaert.

 

Penning op het stadsbestuur van Brussel.

 

Materiaal: Zilver (Ag)

Massa: 28,72 gram.

Afmeting: 41,6 mm. 

Aanmaakplaats: z.pl. Brussel.

Medailleur: Jules-Clément Chaplain (1839-1909)

Datering: 1928

 

Voorzijde: Binnen een versierde boord.

De geharnaste heilige aartsengel Sint-Michaël. 

Met aureool, met uitstralend licht.

Met de linkerhand, een zegeteken makende.

In de rechterhand, een geheven zwaard.

De aartsengel vertrappeld, de gevleugelde en gevallen duivel.

Op de achtergrond, de stad Brussel.

Onderaan, de graveur:

J.C. CHAPLAIN

 

 

 

Keerzijde: Binnen een versierde boord.

De namen van het stadsbestuur in 20 regels.

                                     1928

                 ADOLPHE MAX, BOURGMESTRE.

            M.LEMONNIER, J.COELST, E.JACQMAIN,

      F.J. VAN DE MEULEBROECK, P. WAUWERMANS,

                      R. PATTOU, V. WAUCQUEZ.

                                    ECHEVINS

   F.L. STEENS, A. HUISMAN VAN DEN NEST, G.SWOLFS,

L. LEPLAGE, F. BRUNFAUT, H. VANDEVELDE, R. CATTEAU,

      G. VERHEVEN, A. FOUCART, MME A. C. VAN HOVE

MME L.VRONANT, A. SIMON, A. MARTEAUX, V. VERMEIRE

         C. THOMAES, J.B. MOYSON, G. THIELEMANS,

            X. VAN REMOORTEL, J. LEEUW, P. DE MOT,

         P. LALEMAND, G.SPEECKAERT, P. SEMNINCKX,

               J. DE BAEREMAEKER.   P. VERSTAPPEN,

         P. DE VYTTENAERE, J. DEBOECK, J. DE SMEDT,

      AANSPACH-PUISSANT, C.VERHAEGHE DE NAEYER

               A. LECLERCQ, C. DU BUS DE WARNAFFE, 

              MME P. DE PENARANDA DE FRANCHIMONT.

                                   CONSEILLERS

                          E. BREES. SECRETAIRE.

 

 

 

 


 

Penning op Victor Jacobs (1881)

 


Uit de collectie, Paul Callewaert.

 

 

 

 

Penning op Victor Jacobs (1838-1891), voormalig minister van Financiën.

In het Belgische huis van afgevaardigden.

 

Materiaal: Brons.

Massa: 11,30 gram.

Diameter: 32,5  mm.

Aanmaakplaats: Brussel.
Datering: 1881


Voorzijde: Binnen een gladde boord.

Het gekroond stadswapen, van Brussel.

Omgeven door geknoopte lauriertakken.

Boven de platte kroon.

VILLE DE BRUXELLES



Keerzijde: Binnen een gladde boord.

In tien regels:

VICTOR JACOBS / ANCIEN / MINISTRE DES FINANCES / A FAIT ARGENT DE SON NOM / TANDIS QUE / LE BOURGMESTRE DE BRUXELLES / A FAIT ARGENT DE SON BIEN / CHbre DES REPRESENTANTS / SEANCE / DU 8 FEVRIER 1881

 

Lit.: Musée Carnavalet, Histoire de Paris, Nr. ND6687.

 


 

Penning op Voorzitterschap Eugeen Stroobant, Brussel 1846-1871

 

Uit de collectie, Paul Callewaert.

 

 

 

Gedenkpenning op het 25 jarig voorzitterschap, van Eugeen Stroobant.

Toneel-vereniging "De Wijngaard" Brussel.

 

Materiaal: Brons.

Massa: 46,65 gram.

Diameter: 51,2 mm.

Aanmaakplaats: Brussel.

Datering: 1871


Voorzijde: Binnen een opstaande boord.

Een versierde buitencirkel.

Een gekroond wapenschild van de toneelvereniging.

Gelegen op een schildhouder.

Het wapen bestaande uit een gestreept veld,

waarop een druiventros, gesteeld met twee bladeren.

Links versiert met een gebladerde eikentak.

Rechts versiert met een gebladerde lauliertak

Onder het wapen, een mascare-pot, kroon, masker, zwaard, gesloten boeken en olielamp.

Met daaronder een banderol, met de tekst:

GROEIEN EN BLOEIJEN

Onder de samengeknoopte bladertakken.

De initialen van de graveur N D

Omschrift:

DE WYNGAERD TE BRUSSEL



Keerzijde: Binnen een opstaande boord.

In zeven regels.

TER / GELEGENHEID / VAN ZIJN /  25JARIG / 

VOORZITTERSCHAP / 1846 - 1871 / ___HERINNERING___ 

Omschrift:

JUBELFEEST DES HEEREN EUG. STROOBANT.

Versierde takkenkrans tussen een rozet.

 

Lit.: Odis, Bruxelles au XIXe siècle: berceau d' un flamingantisme démocratique 1840-1873 (1979); Toneel en theaterleven te Brussel na 1830.

 

Historische schets

De Wijngaard is een van de oudste verenigingen van Brussel. Zij voert eveneens de naam van de vroegere rederijkerskamer ’t Mariakranske. De vereniging speelde een belangrijke rol in het Brusselse amateurtoneel en in het ontstaan van de Koninklijke Vlaamse Schouwburg.

 

De dubbele benaming verwijst naar een traditie die eigenlijk teruggaat tot op de vroegere Brusselse rederijkerskamers. Brussel had in de 15e eeuw vier kamers: Den Boeck (1401), De Violier (ca. 1470), De Lelie (ca. 1475) en De Corenbloem (1477). De Lelie genoot het meeste aanzien. In 1499 richtten leden van De Lelie de Broederschap van de Zeven Weeën op. De devotie van Onze-Lieve-Vrouw kende omstreeks 1490 een grote opgang o.m. onder impuls van het Bourgondisch-Habsburgse hof. De Lelie had ook goede relaties met het stadsbestuur en verkreeg hierdoor een bevoorrechte positie ten opzichte van de andere rederijkerskamers. De Violette was niet dom en fuseerden in 1507 maar al te graag met De Lelie. ’t Mariakransken was geboren en de devotie van de Zeven Weeën bleef een rode draad. In 1511 werd ’t Mariakransken onder bescherming van de vorst geplaatst. Na verloop van tijd verwaterde de band tussen de dynastie en ’t Mariakansken, maar de kamer bleef binnen Brussel een geprivilegieerde positie behouden en was gedurende de 16e eeuw de enige Brusselse kamer die mocht deelnemen aan de Brabantse landjuwelen.

 

In de 17e eeuw ontstonden de zogenaamde compagnies. In tegenstelling tot de vroegere rederijkerskamers waren dit gezelschappen die toneelproducties op poten zetten. Enkele van deze gezelschappen waren nieuw, andere waren een voortzetting van reeds bestaande. Tot op vandaag is het niet duidelijk of De Wijngaard uit of naast ’t Mariakransken ontstond. De Wijngaard – met devies Groeien en Bloeien - is alleszins de oudste vereniging van Brussel.

 

De Franse overheersing betekende een tijdelijke stopzetting van de activiteiten, maar onder de Hollandse regering kende De Wijngaard een nieuwe bloei. Meegaande met haar tijd onderging het gezelschap in 1822 een volledige verandering en richtte zich op taal- en letterkunde. Voortaan waren twee departementen elk met eigen statuten actief: een departement Toneelkunde en een departement Letterkunde. Na 1830 raakte de rederijkerskamers in het slop omdat ze van orangisme werden verdacht. Omstreeks 1839 blies de opkomst van de eerste flaminganten zoals Van der Voort De Wijngaard nieuw leven in en de vereniging ‘groeide en bloeide’ uit tot de ontmoetingsplaats van Brusselse flaminganten. Het was De Wijngaard die onder regie van een zeer jonge Felix Vande Sande de eerste openbare Nederlandstalige toneelvoorstellingen sinds de Belgische onafhankelijkheid bracht. De lange geschiedenis en de status van De Wijngaard – met de grote en lange rol van de voorzitter Eugeen Stroobants – maakte haar tot één van de belangrijkste amateurtoneelverenigingen in België.

 

 

Kwantitatieve gegevens

Een tiental jaren na de heroprichting in 1839, beschikte de Wijngaerd over een gezelschap van 25 acteurs, allemaal amateurs, en telt daarbij een honderdtal leden. (Gubin 1979, p. 187)

 


 

Groentenpenning "Ateliers Réunis" Brussel.

 

 

Uit de collectie, Paul Callewaert.

 

Verbruikers-groentenpenning Ateliers Réunis.

 

Materiaal: Koper.

Massa: 6,50 gram.

Diameter: 25,9 mm.
Aanmaakplaats: Brussel.
Datering: Begin 20e eeuw.

 

Voorzijde: Binnen een gladde verhoogde buitenrand.

Een pelikaan op nest, die haar jongen te eten geeft.

Omschrift:

ATELIERS REUNIS ❀ BRUXELLES

 

Keerzijde: Binnen een gladde verhoogde buitenrand.

In drie regels, afgesloten met drie vijfpuntssterren.

10 CES / LÈGUMES / * ✶ *

 

Lit.:STAM Gent N. 01489

 

Er zijn meerdere waardepenningen gekend, van de firma Ateliers Réunis.

Waaronder 5 centimes voor "demi-soupe"; "pain", "café"; en "biére".

En 7 centimes voor "biére.

10 centimes voor "Soupe"; "oeufs"; "lègumes" en "harengs".

De hoogste waarde van dit soort penningen bedraagd 20 centimes,

voor "poisson" en "viande".

Sommige van deze penningen bestaan in verscheidene varianten en metaalsoorten.

Zoals voor deze penning voor groenten bestaat er vier varianten.


 

Publiciteitspenning Wereldtentoonstelling Brussel (1910)

 

Bodemvondst, Pierre Mannaert.

 

Publiciteitspenning op de Koninklijke Munt,

tijdens de wereldtentoonstelling te Brussel in 1910.

 

Materiaal: Messing.

Massa: Onbekend.

Diameter: 30 mm.
Aanmaakplaats: Brussel

Aanmaker: A. Michaux
Datering: 1910


Voorzijde: Binnen een verhoogde boord, en parelrand.

Zicht op het atelier, van de muntmeester in de 17e eeuw.

Een zittende muntmeester, slaande met een blokhamer op een muntmatrijs.

Voor de muntmeester, een leerling met een houten bak, gevuld met blanco muntplaatjes.

Naast de zittende man, op de grond en op een kist schalen met afgewerkte munten.

Omschrift: JADIS

In de afsnede: A. MICHAUX

 

Keerzijde: Binnen een verhoogde boord, en parelrand.

Zicht op het atelier, van de muntmeester in de 20e eeuw.

Een zittende muntmeester, aan een slagpers.

Aan de  voeten van de man, de afgewerkte stukken in een houten kistje.

Omschrift: AUJOURD' HUI

In de afnede in drie regels: MONNAIE DE / BRUXELLES / 1910

 

Lit.: STAM Gent, N.00605.0-6.

 

 

In 1910 organiseerde Brussel voor de derde maal een Wereldtentoonstelling. Het numismatische gedeelte was ditmaal uiterst belangrijk. Zo was er een belangrijke tentoonstelling over de medaillekunst die op dat ogenblik een grote bloei kende. Ook een numismatisch congres stond op de agenda. De Koninklijke Munt van België was vertegenwoordigd met een stand waarop de bezoeker bovenstaande penning kon kopen, die ter plaatse geslagen werd met matrijzen van de hand van Alphonse Michaux, werkzaam in de Munt. Het aantal geslagen exemplaren is dus niet in te schatten, maar aan de productie kwam plots een einde door een grote brand op 14 augustus 1910 waarbij het slagmateriaal van verscheidene ateliers verloren ging.