Philipsdaalder (1557)

Bodemvondst Pieter De Breuk.

 

 

Vervalsing op Philipsdaalder (?). 

Speelpenning (?) 

Materiaal: Lood/tin legering.

Massa: 29,5 gram. (Bij zilveren uitgifte 34,27 gram)

Diameter: 42 mm.
Aanmaakplaats: Onbekend (Nederland)
Datering: Ca. 16e eeuw.


Voorzijde: Binnen een omschrift.
Het gespiegelde borstbeeld van Philips II naar rechts.
In de afsnede, het gespiegelde jaartal 1557 (?)
(Sommige Philipsdaalders dragen het borstbeeld naar rechts, in de meeste gevallen is dit naar links gewend)
(Gespiegelde) Omschrift:
PHS D G HISP ANG Z REX DVX
Voluit: Philippus Dei Gratia Hispaniarum Angliae Z Rex Dux.
Wat wil zeggen: Philips bij Gods gratie koning van Spanje en hertog. (Normaliter staat hier dan de provincie vermeld)


Keerzijde: Binnen een omschrift.
Gekroond wapenschild van Spanje, Oostenrijk en Bourgondië (Hartschild ontbreekt hier).
Gelegen op een stokkenkruis.
Tussen twee vuurslagen en omhangen met de keten van het "Gulden Vlies".
(Gespiegelde) Omschrift:
DOMINVS MIC/HI ADIVTOR
Wat wil zeggen: De Heer is mijn helper.

 

Lit: Van Gelder et Hoc 210 ev.; Vanhoudt I 69 ev.

 


 

 

Vijfde Philipsdaalder. (1573)

 

 

 

Bodemvondst Axel.

 

 

Vervalsing op "Vijfde Philipsdaalder".

 

Materiaal: Lood/tin legering.

Massa: 5,02 gram. Bij zilveren uitgifte 6,85 gram.

Diameter: 31 mm.
Aanmaakplaats: Nederland (?)
Datering: na 1573.


Voorzijde: Binnen een parelcirkel.
Geharnaste buste van Philips II naar rechts gewend.
Voorzien van een Hollandse belastingklop.
Omschrift:
PHS.D:G.HISP.Z.REX.DVX.GEL.
Voluit: Philippus dei gratia hispaniarum rex dux Gelriae.
Wat wil zeggen: Philips, bij de gratie Gods koning van Spanje, hertog van Gelre.
Het gesplitst jaartal door het muntteken onder de halsafsnede 15 / 66 (Gelders kruis).


Keerzijde: Binnen een parelcirkel.
Gekroond Spaans-Oostenrijks-Bourgondisch wapenschild, liggend op een Bourgondisch stokkenkruis.
Vergezeld ter weerszijden van een vuurstaal, waar de vonken wegspatten. Het wapen draagt het kleinood van de "Orde van het Gulden Vlies".
Omschrift:
DOMINVS / MIHI / ADIVTOR
Wat wil zeggen: De Heer is mijn helper.


Lit: J.C. van der Wis & T. Passon 2.17.20; Van Gelder et Hoc 212-6d-e; Van der Chijs XXVII 26-27.

 

Opmerking: 

Op 7 februari 1573 vaardigden de Staten van Holland een plakkaat uit waarin werd bepaald, dat in al de provincie Holland circulerende in- en uitheemse munten met een hogere waarde dan 3 1/2 stuiver door de commissarissen van de Staten van een instempeling/klop moesten worden voorzien.

En dat voortaan alleen de gestempelde in betaling mochten worden aangenomen of uitgegeven.

Voor de gestempelde stukken werd een nieuwe koers vastgesteld die ca. 15 % hoger lag dan de oude.

Op munten met de kop van een vorst, is de klop in ca. 70 % van de gevallen in de nek geplaatst (Nekslag), veel minder vaak bij de kin (Kaakslag).

 


 

Thaler (1622)

 

Uit de collectie, Paul Callewaert.

 

Vervalsing op "Thaler" van de stad Breslau-Wratislava

Keizer Ferdinand II (1617-1637)

 

Materiaal: Lood/tin legering.

Massa: 18,60 gram. Bij zilveren uitgifte 28,5 gram.

Diameter: 42,1 mm.
Aanmaakplaats: Polen ?
Datering: na 1622.


Voorzijde: Binnen een omschrift.
Geharnaste en met rolkraag getooide buste van keizer Ferdinand II naar rechts gewend.
Omschrift: 
❀ FERDINA . D . G . RO . I . S . A . G . H . BO . REX . DVX . SIL :
Wat wil zeggen: Ferdinand koning van Bohemen, Hongrije, Hertog van Oostenrijk, Silezië en Polen.


Keerzijde: Binnen een omschrift, gescheiden door de H. Maagd,

geflankeerd door twee vlaggen.
Keizerlijk ingedeukt wapenschild, getooid met een gekroonde toernooihelm.

De helmpluimen ter weerszijden van het wapen, als versiering.
Onder het schild de letters H / R

(Muntmeester en stempelsnijder Hans Rieger)
Omschrift:
MONETA . S . P . Q . WRATISLAVIENS .
Wat wil zeggen: Munt van Wratislava.

Lit.: Numimarket pl/towar 103791


 

Patagon (1628)

Bodemvondst Pieter de Breuk.

 

 

Vervalsing Patagon ?

Een eigentijdse vervalsing, of een test door een leerling stempelsnijder ?

Bewust of onbewust uitgevoerd ?
Een samenvloeiing van diverse zilveren munten.


Voor het maken van de legende, lijkt dit deze te zijn van een "Pauwschelling" van Albrecht en Isabella uit hun regeerperiode 1598-1621,

 

 

zie o.a. kroontje aan het begin van de legende.
De datering wat dan ook niet strookt met het jaartal 1628 die op de vervalsing staat te lezen.
Alsook de datering staat niet in lijn.
Voor de beeldenaar, aan de keerzijde is een model van een Patagon van Philips IV gekozen.

Maar ontbreekt het wapenschild van Portugal.

 

 

Naar model Patagon.

Materiaal: Lood/tin legering.

Massa: 20,29 gram (bij uitgifte zilveren Patagon 28,10 gram)

Aanmaakplaats: Onbekend (muntplaatsteken kroontje)

Datering: Na 1628.

 

Voorzijde: Een Bourgondisch stokkenkruis, doorheen een gekroond vuurijzer.

Met daaronder het teken (Lam) van het "Gulden Vlies".

Een gesplitst en niet in lijn liggende datering ter weerszijden van de kwartieren van het stokkenkruis. 16 / 28

Omschrift:

(kroontje) ALBERTVS . ET . ELISABET . DEI . GRATIA

 

Voluit:Albertus et Elisabeth Dei gratia

Wat wil zeggen: Albertus en Elisabeth, bij Gods gratie

(de tekst gaat op de keerzijde verder).

 

Keerzijde: Een gekroond wapenschild van Philips IV.

(Waar het wapen van Portugal in ontbreekt)

Omhangen met het keten van het "Gulden Vlies".

Omschrift:

ARCHID . AVST . DVCES . BVRG . ET . BRAB

Voluit: Archiduces Austria duces Burgundie et Brabant

Wat wil zeggen: Aartshertogen van Oostenrijk en hertogen van Bourgondië en Brabant.

 

Lit: Vanhoudt I 408, I 414, I 444 ; Van Gelder et Hoc 436-440, 451-453, 559-571.


 

  

Daalder van 30 stuiver. (1685)

Bodemvondst Gj Bras.

 

 

Vervalsing op "Daalder van 30 stuiver".

Materiaal: Lood/tin legering.

Massa: 12 gram. Bij zilveren uitgifte 15,88 gram. 35 mm. 906/1000 Ag.

Diameter: 34 mm.
Aanmaakplaats: Nederland (?).
Datering: Na 1685.


Voorzijde: Staande geharnaste ridder naar links gewend, kijkend naar rechts.
In de linkerhand aan een lint,
een gekroond wapenschild van West-Friesland.
In de rechterhand, een opgeheven zwaard.
Omschrift:
DEVS : FORTI : ET / SPES / NOST (muntteken)
Voluit: Deus fortitudo et spes nostra.
Wat wil zeggen: God is onze kracht en hoop.


Keerzijde: De gekroonde wapenschilden in een driehoek geplaatst van:

Hoorn, Enkhuizen en Medemblik.
De wapens onderling verbonden door een versiering.
Met daartussen de waardeaanduiding en het jaartal.
30 / ST (30 stuivers) / 1685
Omschrift:
MO : NO° ARG / ORDIN : / W : FRISIAE
Voluit: Moneta nova argentum ordinum West-Frisiae
Wat wil zeggen: Nieuwe zilveren munt van West-Friesland.


Lit: Pannekeet WES.84; Delmonte 1081; Verkade 67. 3/4.

 


 

Kurus (1687)

Bodemvondst Axel.

 

 

 

Ottomaanse penning/vervalsing (?) naar model van een zilveren "Kurus"

Sultan Süleyman Han II (Turkije)

Materiaal: Lood/tin legering.

Massa: 20,70 gram.

Diameter: 40 mm.

Aanmaakplaats: Constantinopel (?)
Datering: Ca. 1687-1691


Voorzijde: Binnen een parelrand en een cirkel.
Een Ottomaanse tekst.
In de afsnede: De muntplaats.
Qonstantinyah
Met onderaan het jaartal 1099.
Wat staat voor 1687


Keerzijde: Binnen een parelrand en een cirkel.
Een Ottomaanse tekst.


Lit: Krause & Mishler KM# 96 (Turkije)

 

tughra, (Turks: tugra; spreek uit: toefra), compositie in sierschrift, bestaande uit de naam en de titel van de sultan van het Osmaanse rijk (Osmanen). Om religieuze redenen werd het door de Osmanen als ongepast beschouwd de sultan af te beelden. Alle informatie betreffende hem geschiedde daarom in geschrift, waarbij bijzondere aandacht werd besteed aan de kalligrafie. Sultan Orhan (ca. 1324-1360) gebruikte als eerste de tughra om staatsstukken van zijn waarmerk te voorzien: zijn nog eenvoudige kalligrafie bevatte de tekst "Orhan bin Osman" = Orhan, zoon van Osman (Osman I, sultan ca. 1300-ca. 1324).

Sulejman Celebi (1402-1410), emir van Edirne (Adrianopel), maakte gebruik van het vorstelijke privilege zijn tughra op munten te plaatsen. In de loop der eeuwen werden de tughra's door diverse toevoegingen steeds ingewikkelder, zoals goed is te zien op de munten van het Osmaanse rijk uit de 18e-20e eeuw. Dan bevat de tughra de namen van de sultan en van diens vader, tussen de beide namen het arabische woord "bin" of "ibn" (zoon van) zijn titel en de lijfspreuk van de Osmaanse vorsten, "muzaffer da'ima" (altijd zegevierend).

Hoewel de tughra kenmerkend is voor de Osmaanse muntslag, is deze nagevolgd door de khan van de Krim (1777-1783), in Iran door de sjah van Perzië (1848-1896), leden van de dynastie der Barakzaïden in Afghanistan (1866-1960), de mahdi van Soedan (1881-1899), door Abd Al-Aziz Bin Sa'ud in Nedzjed toen hij daar in 1924-25 zijn koningschap vestigde, door de nizams van Hyderabad (1868-1948) en de emir van Bahawalpur (1923-1940), alsmede door de Republiek Pakistan (1948-1974).

 

Lit.: Schaendlinger, A.C., Osmanische Numismatik, Braunschweig 1973.

 


 

Ducaton/Zilveren rijder VOC (1739)

Bodemvondst, Romain Vancraeyenest.

 

 

 

 

Vervalsing op Ducaton/zilveren rijder.. 

Materiaal: Lood/tin legering.

Massa: 29,6 gram. (Bij zilveren uitgifte 32,78 gram)

Diameter: 43 mm.
Aanmaakplaats: Onbekend (Nederland)
Datering: Na 1739.

 

Voorzijde: Geharnaste ridder met een sjerp om en met geheven zwaard in de rechterhand. Gezeten op een naar rechts galopperend paard.

Op de voorgrond, het gekroonde provinciewapen van Holland.

Omschrift:

MON:FŒD: BELG:PRO:HOLL:IN USUM SOCIET:IND:ORIENT

Voluit:

Moneta foederatarum Belgicarum Provinciarum in usum societatis Indiæ Orientalis

Wat wil zeggen:

Munt van de Verenigde Provinciën van Nederland ten dienste van de Verenigde Oostindische Compagnie.

 

Keerzijde: Gekroond Generaliteitswapen, gehouden door twee gekroonde en aanziende klimmende leeuwen.

Het VOC monogram in een cartouche van bladornamenten.

Omschrift: 

CONCORDIA RES PARVÆ CRESCUNT

Wat wil zeggen:

 

Kleine dingen groeien door eendracht.

 

Lit.: Zonnebloem, Munten van de Verenigde Oostindische Compagnie en van Nederlands Indië 1594-1949. pag 17.


 

 

5 Franc Leopold II (1869)

Uit de collectie, Paul Callewaert.

 

 

 

Vervalsing op 5 Francs Leopold II

 

Materiaal: Tin.

Massa: 19,10 gram. 

Bij zilveren uitgifte 25 gram. 37 mm. 900/1000 Ag.

Diameter: 37,4 mm.
Aanmaakplaats: België (?).
Datering: Na 1869.


Voorzijde: Binnen een versierde rand.

Hoofd van koning Leopold II, naar links gewend.

Omschrift:

LEOPOLD II ROI DES BELGES

Onder de halsafsnede:

(Graveur) LEOP WIENER


Keerzijde: Binnen een versierde rand.

Het gekroond wapenschild van België.

Gesplitste waardeaanduiding, ter weerszijden 5 / F

Het geheel omgeven, door samengebondenlauriertakken.

Onder de laurierstrik, het jaartal 1869

Omschrift:

L' UNION FAIT LA FORCE