Permissie-penning VOC (Ruit)

Bodemvondst Pieter de Breuk.

 

Permissie/legitimatie-penning VOC

Spijkergat/pengat voor ophanging.

 

Materiaal: Lood/tin legering.

Massa: 16,81 gram.

Afmetingen: 29 mm x 28 mm.

Aanmaakplaats: VOC Kamer Amsterdam 

Datering: Ca. 1602-1800

 

Voorzijde: Binnen een dieper ingeslagen rond vlak.

De letter A

Amsterdam

Met daaronder het gespiegelde VOC monogram.

"Verenigde Oostindische Compagnie".

 

Keerzijde: Blanco.

 

Lit: De Beeldenaar, Jan Pelsdonk 2009-5.244.

 

Af en toe worden er in Nederland loden penningen gevonden met het voc-monogram.
In 2008 vond de heer Von Héjjas er een aan de Westelijke Oude Havendijk
in Middelburg. 

Een jonge detectorpiloot vond er op dezelfde dijk in 2009 nog eens drie. 

Eerder  in 1972 zijn tijdens een noodopgraving in de Sarphatistraat te Amsterdam ook twee dergelijke voc-penningen gevonden. 

Al deze penningen zijn met veel ijver door Von Héjjas nagetekend.

Bij zijn speurtocht naar meer informatie kwam hij terecht bij de heer Mevius, die hem vertelde dat het legitimatiepenningen waren, bestemd voor scheepslui of matrozen.
Von Héjjas vertelt: 

Ze mochten van de betaalmeester alleen hun schip verlaten als ze een permissiepenning hadden.
Eenmaal van boord kon zo worden gecontroleerd of iemand met toestemming
zijn schip had verlaten. 

Wie ongeoorloofd van boord was, riskeerde lijfstraffen.
Na terugkeer op het schip moest de penning weer worden ingeleverd.
Net als veel andere loden penningen zijn ook deze stukken met raadsels omgeven.
De ongedateerde penningen zijn aan de hand van de exemplaren mét
jaartal in de achttiende eeuw te plaatsen.
Echter, als we naar parallellen zoeken bij de bakenloden is de productie mogelijk
al in de tweede helft van de zeventiende eeuw begonnen. 

 

De koppeling met de voc is overduidelijk aanwezig, niet alleen vanwege het monogram, maar ook door de vindplaatsen Middelburg en Amsterdam.
In Nederland monsterden de opvarenden af en hoefden zich niet te legitimeren.
Een administratieve functie zullen ze vermoedelijk wel hebben gehad, maar welke?
Zijn de penningen overzee gebruikt in de plaatsen waar een schip voor anker ging?
Op de manier zoals hierboven is beschreven?
Waarom zijn ze niet ingeleverd?
Of werden ze juist in de Nederlanden gebruikt om de eigenaar in dienst van de
VOC een jaar lang te vrijwaren van het betalen van een veerpont of tolgeld?
Wie het weet, mag het zeggen…
LITERATUUR
j.a. von héjjas Over een loden ‘matrozenpenning’
MUNTEN-NIEUWS (oktober 2008).
j.a. von héjjas Over drie ‘matrozenpenningen’
MUNTEN-NIEUWS (juni 2009).

 

 

 


 

Permissie-penning VOC (Rond)

Bodemvondst, Frans Pot.

 

Enlelzijdige permissie/legitimatie-penning VOC

Verknipt naar ronde penning.

 

Materiaal: Lood/tin legering.

Massa: Onbekend.

Diameter: Ø 30 mm.

Aanmaakplaats: VOC Kamer Amsterdam 

Datering: Ca. 1602-1800

 

Voorzijde: Gelegen op een verknipt veld.

Binnen parelcirkel

De letter 

A

Amsterdam

Met daaronder het monogram.

VOC

"Verenigde Oostindische Compagnie".

 

Keerzijde: Blanco.

 

Lit: De Beeldenaar, Jan Pelsdonk 2009-5.244.

 

 

 

 


 

Permissie-penning VOC (Vierkant)

Bodemvondst Pieter de Breuk.

 

Permissie/legitimatie-penning VOC

 

Materiaal: Lood/tin legering.

Massa: 33,65 gram.

Afmetingen: 35 mm x 36 mm.

Aanmaakplaats: VOC Kamer Amsterdam 

Datering: Ca. 1602-1800

 

Voorzijde: Binnen een dieper ingeslagen rond stemelvlak.

Een parelcirkel, met daarbinnen.

De letter A

Amsterdam

Met daaronder het VOC logo.

"Verenigde Oostindische Compagnie".

 

Keerzijde: Blanco.

 

Lit: De Beeldenaar, Jan Pelsdonk 2009-5.244.