Brecht 1980 (50 Michiels)

Uit de collectie van, Paul Callewaert.

 

Touristische penning voor de gemeente Brecht.

Sinds de fusie in 1977, behoren Sint-Job-in-'t-Goor

en Sint-Lenaarts ook tot de gemeente Brecht.

 

Materiaal: Nikkel/messing.

Massa: 7,66 gram.

Diameter: 30,5 mm.

Datering: 1980

 

Voorzijde: Binnen een gladde verhoogde boord.

Drie Wapenschilden.

Links het wapen van Sint-Lenaarts.

Met in het veld, de patroonheilige van het dorp.

De staande heilige St-Leonardus, met kromstaf.

In het midden, het wapen van Brecht.

Naar het wapen van de familie Lalaing.

St-Michael staande op een draak.

Rechts van de heilige een schild, beladen met tien ruiten.

Rechts, het wapen van Sint-Job-in-'t-Goor.

Een klimmenende rode leeuw op een wit veld.

Het omschrift, versiert met krulmotieven.

 BRECHT

      50 
MICHIELS  

 

 

Keerzijde: Binnen een gladde verhoogde boord.

Het gemeentehuis van Brecht.

Het "kasteel Neut".

Omschrift:

ST-LENAARTS - BRECHT - ST.-JOB-IN-'T-GOOR

3I - 8 - I980

 

Het kasteel waarin het huidige gemeentehuis gevestigd is, draagt de naam ‘kasteel Neut’. Het werd in 1848 gebouwd in opdracht van Jozef Frans Keysers en deed dienst als notariswoning. De gemeente kon in 1974 het domein en het kasteel kopen van de nazaten 'Neut'. Zes jaar later was het gerestaureerd en kreeg het de functie van gemeentehuis voor de nieuwe fusiegemeente. De remise en orangerie behoren beide tot hetzelfde domein. De remise werd gebouwd in 1908 en biedt nu onderdak aan de muziekschool en enkele gemeentelijke diensten. In de orangerie staat momenteel een gerestaureerd steenbakkerijlocomotiefje tentoon gesteld.

 


 

Brugge 1982 (50 Bourgondier)

Uit de collectie van, Paul Callewaert.

 

Touristische penning voor de stad Brugge.

 

Materiaal: Nikkel/messing.

Massa: 13,17 gram.

Diameter: 35,25 mm.

Datering: 1982

Ontwerper/graveur: Meersman.

 

 

Voorzijde: Binnen een gladde verhoogde boord.

Een middeleeuwse havenkraan, aan het Kraanplein.

Aangedreven, door drie mensen in een looprad.

Werklieden takelen houten tonnen/vaten,

onder toezicht van een gewapende schout.

Omschrift:

      BRUGGE

           50

BOURGONDIER

 

Randschrift:

IN OMLOOP TE BRUGGE VAN 1.6 TOT 5.9.1982

 

Keerzijde: Binnen een gladde verhoogde boord, en gladde cirkel.

Jachttafereel met hertogin Maria van Bourgondië,

gezeten op een paard met dekkleed in amazonezit.

In haar linkerhand, een valk.

Onder het paard op de voorgrond, een windhond naar links.

Omschrift:

I482 . MARIA VAN BOURGONDIE / . I982

Randschrift met de naam van de ontwerper:

MEERSMAN

 

 Maria overleed op 25-jarige leeftijd aan de gevolgen van een val van haar paard in de uitgestrekte wouden van het kasteel van Wijnendale nabij Torhout, tijdens een reigerjacht die georganiseerd was door Adolf van Kleef-Ravenstein, op 6 maart 1482. Deze jacht was eerder op de dag aangevangen bij de Kruispoort te Brugge, onder begeleiding van de heren Gruuthuse, Filips van Kleef en meerdere ridders van het Bourgondische hof. Als ervaren ruiter had zij haar valk in één hand vast. Haar paard struikelde over een boomstronk bij het springen over een nieuw gegraven gracht. De buikriem brak, waardoor Maria uit het zadel viel en in een gracht terechtkwam en het paard boven op haar. Ernstig gewond werd ze overgebracht naar het Prinsenhof, haar paleis in Brugge.

Toen haar toestand verergerde, stelde ze haar testament op en riep ze de leden van het Gulden Vlies bijeen om afscheid van hen te nemen. Er werd nog een speciale processie met de reliek van het Heilig Bloed door de stad rondgedragen. Ze overleed in het Prinsenhof te Brugge, meerdere weken na de noodlottige val, op 27 maart 1482 in de namiddag. Haar vierjarige zoontje Filips volgde haar op, onder het regentschap van zijn vader Maximiliaan. Zij werd begraven op 3 april 1482 in de Onze-Lieve-Vrouwekerk te Brugge, waar haar grafmonument zich bevindt, vlak naast het praalgraf van haar vader Karel de Stoute, dat er later werd bijgezet. In 1793 werd haar graf geschonden door Franse revolutionairen. Tijdens archeologisch onderzoek in 1979 werd haar stoffelijk overschot geïdentificeerd. Zij bleek o.a. gebroken polsen en ribben te hebben. Men vermoedt dat zij is overleden aan interne bloedingen en verwondingen. Sommige bronnen vermelden dat zij zwanger geweest zou zijn van haar vierde kind.

 


 

 

Damme 1982 (50 Dammenaar)

Uit de collectie van, Paul Callewaert.

 

Touristische penning voor de stad Damme.

 

Materiaal: Nikkel/messing.

Massa: 7,77 gram.

Diameter: 30,3 mm.

Datering: 1980

 

 

Voorzijde: Binnen drie gladde cirkels.

Een op de knieen gezeten jonge langharige knaap.

Voor zich, een duivelshond vasthoudend.

Links het stadhuis van Damme.

Omschrift in gotische letters:

DAmmЄ 1464 1982 

50 DAmmЄnAAR

Omschrift in de buitenste baan:

IN OMLOOP TE DAMME VAN 14.05 TOT 31.08.1982

AEDIFICATA 1464  RESTAURATA 1982

Gebouwd in 1464 en gerestaureerd in 1982

 

Keerzijde: Binnen drie gladde cirkels.

Het wapenschild van de stad Damme.

Schild met dwarsbalk beladen met een hond.

In het schildhoofd, drie lelies.

Het wapen gehouden door twee schildhouders, staande in een schuit.

Varend op de golven.

Versiert met bloeiende takken.

Omschift van het vierde zegel ("ad causas") 1371-1553 :

SIGILLVm SCABInORVm VILLЄ DЄ DAm

AD CAVSAS ЄT nЄGOTIA nOn AD COnTRACTVS

Verzegel alle getuigenissen van de stad Damme om zakelijke redenen en te contracteren.

 

 

 

De duivelshond tooit tot op de dag van vandaag nog steeds het stadswapen van Damme.

De oorsprong van de vlag en het wapenschild van de stad vinden hun oorsprong in de legende. Damme heette vroeger Hondsdamme, dat eigenlijk van 'honte' komt. Honte is een oud woord voor een modderig gebied aan de monding. Aan de verbastering tot 'hond' werd achteraf een legende gehangen.

 

Aan het begin van de 12de eeuw, toen Damme nog niet Damme was, probeerden de bewoners hun landerijen en huizen tegen het wassende water te beschermen. Ze bouwden dijken en dammen. Op een nacht hoorden ze een door merg en been gaand gehuil. Een watergeest in de gedaante van een grote ontketende hond doemde uit het water op en joeg de latere Dammenaars de stuipen op het lijf. Het gehuil hield drie dagen en drie nachten aan. 

 

Toen stak een hevige storm op en joeg de latere Dammenaars de stuipen op het lijf. Het water stroomde weg door de bres en de bevolking wees de duivelshond met de vinger. De dijkenbouwers wilden hun werk niet verloren zien gaan en vingen de hond. Ze sloegen hem de kop in en wierpen hem in de dijkbres. De wind luwde en de dijk hield stand. Damme was gered.

 

 


 

 

Diksmuide 1981 (100 Mannekes)

Uit de collectie van, Paul Callewaert.

 

Touristische penning voor de stad Diksmuide.

 

Materiaal: Nikkel/messing.

Massa: 11,50 gram.

Diameter: 30 mm.

Datering: 1981

 

 

Voorzijde: Binnen een gladde cirkel.

Een lachende maansikkel naar rechts.

Op de maan zit een gemutst ventje/mannetje met klompen.

In de rechterhand een Vlaamse volksalmanak waaruit hij voorleest.

In de linkerhand, een (aanwijs)stokje.

Boven het boek, het wapen van de stad Diksmuide.

(Gedwarsbalkt van acht stukken van goud en van lazuur)

Omschrift:

'T MANNEKE UIT DE MANE I88I-I98I

                       IOO

                 MANNEKES

      GELDIG VAN 8 TOT 30-6-1981

Keerzijde: Binnen een gladde cirkel.

De IJzertoren, de stadhuis en belforttoren.

Omschrift:

IO JAAR SINKSENFEESTMARKT

DIKSMUIDE

 

" 't Manneke uit de Mane". Dit standbeeld verwijst naar de volksalmanak die onder deze naam vanaf 1881 werd uitgegeven door "De Swighende Eede" (1880), een geheim genootschap van West-Vlaamse flaminganten onder de bezielende stuwing van Hugo Verriest. Priester Alfons Van Hee was van bij de oprichting tot aan zijn overlijden in 1903 hoofdredacteur van deze almanak. 

Verhuld beeldhouwwerk van 1978 n.o.v. beeldhouwer Adhemar Vandroemme (Ieper) op een sokkel met opschrift: "1881 ALFONS VAN HEE EN DE SWIGHENDE EEDE 1881". Voorstelling van een ventje dat in de maansikkel de almanak leest.

 

 


 

Elewijt 1982 (100 Steen)

Uit de collectie van, Paul Callewaert.

 

Touristische penning voor de gemeente Elewijt.

 

Materiaal: Messing.

Massa: 12 gram.

Diameter: 30,10 mm.

Datering: 1980

 

Voorzijde: Binnen een gladde boord.

Het waterkasteel/voormalige staatsgevangenis "Het Steen".

Bovenaan, het jaartal 1982

100 STEEN

Onderaan, ELEWYT

 

Keerzijde: Binnen een gladde boord.

Staande op een bergje, de gemijterde Sint-Hubertus.

In de rechterhand, een sleutel.

In de linkerhand, een kromstaf.

Vergezeld van een hert/rendier.

Op de achtergrond, de St-Hubertuskerk.

 

Het Steen is al ontstaan in de 11e eeuw uit een motteburcht, een groot houten gebouw met uitkijktoren op een kunstmatige heuvel. Het werd gebouwd om de stad Vilvoorde en het Hertogdom Brabant te beschermen tegen de aanvallen van de Mechelaars, er waren immers weinig of geen natuurlijke hinderpalen. Rond het jaar 1300 verrees er een stenen burcht op zijn plaats. Halverwege de 14e eeuw probeerde de Graaf van Vlaanderen, Lodewijk van Male, Brabant af te nemen van zijn schoonzuster Johanna en Mechelen koos om zich aan te sluiten bij de Vlamingen, tegen de Brabanders. De toenmalige heer van Elewijt, Gijzelbrecht Taye, aarzelde geen moment om zijn kasteel uit te rusten met 28 wapenknechten. In de 16e eeuw lag er bij het kasteel een Spaans garnizoen ten tijde van Alexander Farnese.

 

 

Na de lange periode van oorlogen en godsdienstonlusten werd Het Steen een vreedzame verblijfplaats. De Heer van Korbeek, Jan Cools, was eigenaar vanaf 1619. Hij zat echter in diepe schulden en was genoodzaakt om het bouwvallig geworden kasteel in 1631 te verkopen. Peter Paul Rubens kocht het toen voor het aardige bedrag van 93.000 carolusgulden; hij liet het grondig opknappen en woonde er van 1635 tot zijn dood in 1640. Heel wat beroemde schilderijen van hem zijn landschappen uit Elewijt, met als bekendste Herfstlandschap met uitzicht op het Steen. In 1792 werd het kasteel nog omgebouwd tot staatsgevangenis. Het kasteel is sinds juli 2019 in het bezit van Toerisme Vlaanderen.

 

 

Sinds 1603 trekt de Sint-Hubertusprocessie door Elewijt. Deze processie bestaat uit een opening met ruiters, landsknechttrommelaars en de jachthoornblazers. Na het vieren van de mis worden dieren gezegend. De processie wordt afgesloten door diverse groepen die het leven van Sint-Hubertus uitbeelden, waarbij een van de groepen Hubertus' dood in 727 uitbeeldt. De afsluiting bestaat uit een sacramentsviering waarbij Sint-Hubertuskoek wordt uitgedeeld. 

 

 


 

Gent, Amandus 1980 (25 Gandæ)

Uit de collectie van, Paul Callewaert.

 

Touristische penning voor de stad Gent.

 

Materiaal: Nikkel/messing.

Massa: 13,27 gram.

Diameter: 35,3 mm.

Datering: 1982

 

 

Voorzijde: Binnen een gladde cirkel.

H. Amandus met mijter.

In de rechterhand, een kromstaf.

In de linkerhand, een kerkgebouw.

Omschrift:

AMANDUS 630-I980

25 GANDÆ 

IN OMLOOP TE GENT VAN I5 AUGUSTUS TOT I5 OKTOBER I980

Keerzijde: Binnen een gladde cirkel.

De ruïne van de Sint-Baafsabdij,

op het binnenplein het lavatorium.

Omschrift:

STAD GENT SINT BAAFSABDIJ LAVATORIUM

 

 

 

 

 


 

Leuven 1980 (25 Lovenaar)

Uit de collectie van, Paul Callewaert.

 

Touristische penning voor de stad Leuven.

 

Materiaal: Nikkel/messing.

Massa: 7,72 gram.

Diameter: 30,2 mm.

Datering: 1980

 

 

Voorzijde: Binnen een gladde cirkel.

Het gotische stadhuis van Leuven.

Links, het wapenschild van de stad.

In keel, een dwarsbalk van zilver. Het schild getopt met een gekroonde toernooihelm van zilver, getralied, gehalsband. Omboord en gekroond met vier torens van goud, gevoerd en gehecht van keel, met dekkleden van zilver en van keel. 

Getopt met een beer, met een klein wapenschild van Brabant.

In de banderol, in twee regels.

AЄDIFICATA 1448-1463  

RЄSTAVRATA 1972-1982

Gebouwd tijdens 1448 en 1463

Gerestaureerd tijdens 1972 en 1982

25  LOVЄnAAR

GELDIG TE LEUVEN VAN 1.6 TOT 30.9.1980.

Keerzijde: Binnen twee gladde cirkels, en twee parelcirkels.

De Heilige Petrus met nimbus.

In de rechterhand, een sleutel.

In de linkerhand, een opgeslagen bijbel.

Voor de Heilige, een vierdelig wapenschild.

In de kwartieren, telkens een klimmende leeuw naar links gewend.

Omschrift:

✠ PhS xx DЄI xx GRA xx DVX xx BRABAN

Voluit: Philipus dei gratia dux Brabantiæ

Wat wil zeggen: Philips bij de gratie Gods, hertog van Brabant.

 

Naar model  zilveren "Vier stuiver" van Filips de Schone, geslagen te Leuven in 1489.

 


 

Maldegem 1983 (100 Ridders)

Touristische penning voor de gemeente Maldegem.

 

Materiaal: Nikkel/messing.

Massa: 12,16 gram.

Diameter: 30 mm.

Datering: 1983

 

 

Voorzijde: Binnen een gladde cirkel.

Het wapenschild van de gemeente Maldegem.

(Op een veld van goud een kruis van keel,

vergezeld van twaalf merlaantjes van keel zoomsgewijze geplaatst)

Omschrift:

       MALDEGEM

   100 RIDDERS  

 

 

Keerzijde: Binnen een gladde cirkel.

Het neo-gotisch landhuis van Reesinghe.

Op de voorgrond, een werkende tuinman.

Boven het kasteeltje, in twee regels.

KASTEEL / REESINGHE

Onderaan:

IN OMLOOP VANAF 8-12-83

 

 

Huidig landhuis gebouwd in 1858 naar plannen van architect Eugène Carpentier van 1854 door de familie Pecsteen-de Lampreel op de historische site van het kasteel van Maldegem.

 

 

 


 

Mechelen 1980 (50 Fr. Maneblusser)

Uit de collectie van, Paul Callewaert.

 

Touristische penning voor de stad Mechelen.

 

Materiaal: Nikkel/messing.

Massa: 11,65 gram.

Diameter: 30 mm.

Datering: 1980

 

 

Voorzijde: Binnen een gladde boord.

Kathedraal-toren van Sint-Rombouts.

Waarachter een volle maan. 

Links van de toren de waardebepaling 50 FR

Onder de toren:

MANEBLUSSER

Keerzijde: Binnen een gladde cirkel.

Gelegen op het veld, in twee regels:

150 JAAR / BELGIE

Linksboven een lauriertak.

Onderaan de geldigheidsdata:

GELDIG 17-18-19 OKT . 1980

 

De "Maneblusser" is een bijnaam voor een inwoner van Mechelen.

Deze naam is een verwijzing naar een historische gebeurtenis uit de 17de eeuw.

Volgens geschiedschrijvers gebeurde het in de nacht van 27 op 28 januari 1687.

Die bewuste nacht was het volle maan en stond er een lage bewolking.

Een man die uit een kroeg stapte dacht dat de toren in brand stond en sloeg onmiddellijk alarm. Buren, uit hun diepste slaap opgeschrikt, trokken hun vensters open en konden alleen hetzelfde vaststellen.

In een mum van tijd stond de hele stad in rep en roer en werd de noodklok geluid. Het stadsbestuur, de burgemeester op kop, snelde naar de plaats van het onheil en begon in ijltempo de blussingswerken te organiseren.

Langs de torentrap gingen emmers water als een ketting van hand tot hand, maar nog vóór de top werd bereikt, schoof de maan door de nevel en moesten de moedige Mechelaars toegeven, dat ze slechts de rossige nevelgloed van de maan hadden gezien.

Het maanlicht scheen immers doorheen de ramen van de kathedraal en de lage bewolking stond ter hoogte van de klokkenramen in de St.-Romboutstoren waardoor er een indruk ontstond dat er rook uit de toren kwam.

 

Hoewel ze hebben geprobeerd de zaak stil te houden, konden de Mechelaars niet verhinderen, dat er zelfs over de landsgrenzen hartelijk om werd gelachen. De spotnaam Maneblussers zouden de Mechelaars voor altijd bewaren.

 

 


 

Oostende 1980 (25 Oostendse Florijn)

Uit de collectie van, Paul Callewaert.

 

Touristische penning voor de stad Oostende.

 

Materiaal: Nikkel/messing.

Massa: 7,73 gram.

Diameter: 30,4 mm.

Datering: 1980

 

 

Voorzijde: Binnen een gladde boord.

Gelegen op een krulversiering, de wapens van:

De Oostendse Compagnie en de stad Oostende.

Boven de wapenschilden, een wereldbol/globe.

 

                                                     25

                                    OOSTENDSE FLORIJN

IN OMLOOP TE OOSTENDE VAN 15 JUNI TOT 15 SEPTEMBER 1980

                                

Keerzijde: Binnen een gladde boord.

Een staande Athena, naar rechts gewend.

Godin van de wijsheid, krijgskunst en vrede.

In de Rechterhand een speer/drietand.

In de linkerhand,een wapenschild.

Op de achtergrond, onder een bewokte hemel.

Een uitvarend koopvaardijschip van de Oostendse Compagnie.

In de afsnede, in twee regels:

 

1722  OOSTENDSE / COMPAGNIE 1980

 

De Oostendse Compagnie is de gebruikelijke benaming voor de Generale Keizerlijke Indische Compagnie (of Compagnie Générale Impériale et Royale des Indes), een handelsonderneming die werd gesticht op 19 december 1722 in de Zuidelijke Nederlanden, die toen in bezit waren van het Habsburgse Oostenrijk. De Oostendse Compagnie werd opgericht als concurrent van de Vereenigde Oostindische Compagnie uit de Noordelijke Nederlanden.

 

 


 

Oostende 1981 (50 Oostendse Florijn)

Uit de collectie van, Paul Callewaert.

 

Touristische penning voor de stad Oostende.

 

Materiaal: Nikkel/messing.

Massa: 7,70 gram.

Diameter: 30,2 mm.

Datering: 1981

 

Voorzijde: Binnen een gladde boord en parelcirkel.

Engelse, Nederlandse-Habsburgse schepen beschieten de stad Oostende.

 

                                 50

               OOSTENDSE FLORIJN

 

IN OMLOOP TE OOSTENDE VAN 5 JUNI TOT 5 AUGUSTUS 1981

                                                   

 

Keerzijde: Binnen een gladde boord en parelcirkel.

De plattegrond van het "Fort van Oostende".

Waarboven een stralende kompas-ster.

Geflankeerd met het wapenschild van de Oostendse Compagnie.

En het stadswapenschild van de stad Oostende.

Omschrift:

1706 . SLAG VAN OOSTENDE . 1981

 

Beleg van Oostende (1706)

De Franse generaal de la Motte wilde het rijke en strategisch belangrijke Oostende evenwel niet prijsgeven. Hij trok zich met zijn troepen terug in de stad, liet de bolwerken bewapenen en voorraden voor een langdurige belegering inslaan. Zijn tegenstanders reisden hem achterna en vroegen op 6 juni om te capituleren, wat de la Motte pertinent weigerde. Daarop verzamelde de Engels-Nederlands-Habsburgse coalitie zich bij Oostende en zette op 23 juni de aanval in. Gedurende 14 dagen werd de stad gebombardeerd en beschoten. Op 6 juli 1706, na een wanhopige, mislukte aanval de dag ervoor, gaf de la Motte zich over. Voor de tweede keer in nauwelijks 100 jaar tijd lag de stad in puin en moest ze weer helemaal worden heropgebouwd. De strijd om de Spaanse troon zou overigens pas in 1713, met de Vrede van Utrecht, worden getekend. Filips zou de Spaanse troon bestijgen, maar “zijn” Zuidelijke Nederlanden en enkele andere gebieden moeten afstaan aan de Oostenrijkse keizer Karel VI. Oostende zou vanaf dan geregeerd worden door de Oostenrijkse Habsburgers. 

 

 

 


 

 

 

Overijse 1982 (50 Iscanier)

Uit de collectie van, Paul Callewaert.

 

Touristische penning voor de gemeente Overijse.

 

Materiaal: Nikkel/messing.

Massa: 13,18 gram.

Diameter: 35,15 mm.

Datering: 1982

 

 

Voorzijde: Binnen twee gladde cirkels.

Het wapenschild van de gemeente Overijse.

Versiert met vruchtdragende wijnstokken/druiventakken.

Boven het wapen :

IN OMLOOP VAN 17.8 TOT 30.9.1982

Omschrift:

ISCA832 1982 OVERIJSE

             50 ISCANIER

Keerzijde: Binnen twee gladde cirkels.

Sint-Martinus te paard.

In de linkerhand, zijn mantel.

In de rechterhand, een geheven zwaard.

De heilige snijd zijn mantel in twee stukken.

En deeld deze, met een kreupele arme man.

Voor de heilige, een wapen met klimmende leeuw naar links.

Omschift :

SIGILLVM OPPIDI OVERISSCHA

Zegel van de stad Overijse

 

Vanaf 1422 werd het zegel "Sigillum Oppidi de Overisscha" van de Vrijheid gebruikt: de heilige Sint-Martinus te paard met klein wapenschild en klimmende leeuw.

 

De drie lelies in het schild verwijzen naar de "Beers" van IJssche en hun verwantschap met de eerste familie van Aarschot. De leeuw in het schildje is ontleend aan het Brabants blazoen en Sint-Martinus is de patroonheilige van de gemeente.

 


 

 

Sint-Katelijne-Waver 1981 (50 Kadodders)

Uit de collectie van, Paul Callewaert.

 

Touristische penning voor de gemeente Sint-Katelijne-Waver.

 

Materiaal: Nikkel/messing.

Massa: 11,69 gram.

Diameter: 30 mm.

Datering: 1981

 

 

Voorzijde: Binnen een dubbele gladde cirkel.

De verdwenen Sint-Catharinakerk van Sint-Katelijne-Waver.

Omschrift:

50 KADODDERS

* GELDIGHEIDSDATUM 22-2-81

Keerzijde: Binnen een gladde cirkel.

Het oude wapenschild van de gemeente Sint-Katelijne-Waver.

In goud drie palen van keel met het vrij kwarier van hermelijn,

met vijf vlokjes, schuin kruiselings geplaatst.

Het schild gelegen op een penning, munt en postzegel.

Omschrift:

KRING VOOR NUMISMATIEK EN FILATELIE

x SINT - KATHELIJNE - WAVER x

 

Jan Kadodder (zijn echte naam was vermoedelijk Jan Van den Eynde) was een landbouwer uit St. Katelijne Waver.  Op 3 maart 1948  leidt hij met een handvol slechtbewapende boeren een opstand tegen Lorreinse plunderende huurlingen onder leiding van Kolonel Clinchamps.  Het slecht bewapend allergaartje was echter geen partij voor de getrainde soldaten.  Om aan zijn achtervolgers te ontsnappen verstopte hij zich aan de kanten van Pennepoel-Nekkerspoel (waar de boeren hun mestoverschotten moesten storten) onder een mesthoop. de Mechelse kunstenaar Karel Sterckx maakt een beeldje van Kadodder (waar hij zijn hoofd uit de mesthoop steekt) en dat staat (hoe kan het anders) in de Kadodderstraat.

 

 


 

 

Sint-Truiden 1980 (50 Denier)

Uit de collectie van, Paul Callewaert.

 

Touristische penning voor de stad Sint-Truiden.

 

Materiaal: Nikkel/messing.

Massa: 7,76 gram.

Diameter: 30,3 mm.

Datering: 1980

 

 

Voorzijde: Binnen een gladde cirkel en parelcirkel.

Het stedelijk wapenschild van Sint-Truiden.

Een goudkleurig perroen, op een achtergrond van keel.

Bovenaan het wapenschild een sabelkleurige tweekoppige adelaar.

Getopt met een keizerskroon.

Links van het wapen, een rundskop tussen veldgewassen.

Rechts van het schild, vruchtdragende fruittakken.

Omschrift:

. 655 . SENATVS POPVLVS / QVE TRVDONENSIS . 1980 .

De Senaat en het volk van Sint-Truiden.

   50 DENIER

IN OMLOOP TE SINT-TRUIDEN VAN 1.12.80 TOT 31.1.1981

 

Keerzijde: Binnen een gladde cirkel en dubbele parelcirkel.

Een halve-lijve Sint-Trudo met nimbus.

In de linkerhand een opgeslagen bijbel/boek.

In de rechterhand, een palmtak.

De heilige, ter weerszijden gefankeerd met twee x

Achter de heilige, de St-Tudo abdij.

Ter weerszijden gefankeerd met een kromstaf en drie bolleljes/punten.

Tussen de torens, bloemen op steeltje.

Omschrift:

SIGILLVM ° SANCTI ° TRVDONIS

 Zegel van Sint-Trudo

 

De abdij van Sint-Truiden, ook wel abdij van Sint-Trudo, is een voormalige benedictijnerabdij in de Belgisch-Limburgse stad Sint-Truiden. Gesticht in de 7e eeuw, hoorde de abdij tot de oudste en machtigste abdijen in de Nederlanden en stond ze tevens aan de oorsprong van de stad Sint-Truiden, die rondom de abdij groeide. De abdijkerk, in 1798 gesloopt, was een grote romaanse kerk, gewijd aan de heiligen Remaclus en Quintinus.

 

 


 

 

Villers la Ville.

Uit de collectie van, Rimidi.

 

Touristische penning voor de gemeente Villers la Ville.

 

Materiaal: Nikkel/messing.

Massa: 8,9 gram.

Diameter: 31 mm.

Datering: z.j. Ca. 1980-1985

 

 

Voorzijde: Binnen een gladde cirkell.

De ruïnes van de Cisterciënzerabdij van Villers.

Links, een modern uitgevoerd kruis.

Bestaande uit vijf aaneengesloten cirkels in kruisvorm.

In de kwartieren telkens een afgerond driehoek patroon.

Die samen een cirkel verbeelden.

Onder en rechts van het kruis:

abbaye de villers

 

Voorzijde: Binnen een gladde cirkell.

Een openstaande reiskoffer.

Rechtsboven in een cirkel, een achtpuntige kompas-ster.

De letters van de vier windstreken.

N / E / S / O

 

 

 

 


 

Zoutleeuw 1981 (50 Leeuwenaar)

Uit de collectie van, Paul Callewaert.

 

Touristische penning voor de stad Zoutleeuw.

 

Materiaal: Nikkel/messing.

Massa: 7,75 gram.

Diameter: 30,3 mm.

Datering: 1981

 

 

Voorzijde: Binnen een gladde cirkel en parelcirkel.

Het gotisch stadhuis van Zoutleeuw.

Rechts het stedelijk wapenschild .

(Brabantse leeuw, met schildhoofd van keel)

Omschrift:

ZOUTLEEUW / II06 - I98I

   50 . LEEUWENAAR .

IN OMLOOP VAN 1 JUNI TOT 31 AUGUSTUS 1981

 

Keerzijde: Binnen een gladde cirkel en parelcirkel.

Een staande Sint-Leonardus.

In de handen een opgeslagen bijbel/boek.

Liggend op de rechter bovenarm, een kromstaf.

Liggend op de linkerarm, ketting met handboeien.

Achter de heilige, de St-Leonarduskerk van Zoutleeuw.

Omschift :

. ST . LEONARDUSPAROCHIE .  / . I2I3 - I98I .

MEERSMAN (Graveur)

 

 

St-Leonardus is de patroonheilige van de stad Zoutleeuw.